Het marktmanifest
De Amsterdamse markt verdient beter

Leestijd: 3 ½ minuut

Amsterdam is nog steeds dé marktstad van Nederland. Maar er beginnen links en rechts gaten te vallen. Bij sommige markten is de bezettingsgraad tot onder de vijftig procent gedaald, veel marktkooplui staat het water aan de lippen.

Onderwerpen

Het gaat slecht met de Amsterdamse markt: gemiddeld een op de vier kramen staat leeg, in 2010 was dat nog een op de zes. Met een manifest hebben marktkooplui op 18 juni 2015 de noodklok geluid, ze eisen onder andere grotere zelfstandigheid, betere locaties voor de markten van Bos en Lommer, de Amsterdamse Poort en Kraaiennest, de mogelijkheid om themamarkten toe te voegen, experimenten met andere opstellingen van de kramen en latere openingstijden. De huidige Verordening op de Straathandel is volgens Pieter Mohr van de Zuidermarkt ‘het laatste stalinistische bolwerk van Nederland’.

Amsterdam is veruit de grootste marktstad van Nederland, elke week staan hier ruim zevenduizend kramen opgesteld, dat is meer dan in de vier andere grote steden samen. Gezien de leegstand zijn dat er misschien wel te veel. Groenteman Leo Hessing van de Bos en Lommermarkt, waar de helft van de kramen leeg blijft: ‘Als baby lag ik hier al in de wieg achter de kraam van mijn ouders. Ik ben nu bijna 54 en ik had nooit verwacht dat het zo zwaar zou worden.’ De kooplui willen dan ook dat wordt onderzocht of sommige markten niet kleiner moeten worden, of op minder dagen moeten staan.

De eensgezindheid van de kooplui, die bekend staan om hun verdeeldheid, is opmerkelijk. Het manifest met titel ‘De Amsterdamse markt verdient beter’, is ondertekend door vertegenwoordigers van twaalf grote warenmarkten, die samen ruim tachtig procent van het Amsterdamse marktaanbod vertegenwoordigen. Dimitri de Regt van de Dappermarkt zegt vastberaden: ‘De markt staat er al honderd jaar en wij gaan niet weg.’

Wethouder Kajsa Ollongren van Economische Zaken nam het Martktmanifest in ontvangst. In haar reactie beaamde ze de noodzaak tot ‘meer ruimte voor innovatie, veelzijdigheid en verbetering van kwaliteit’. Binnenkort geeft het College een nieuwe marktverordening vrij voor inspraak. ‘Ik verwacht dat het manifest een positieve bijdrage levert aan een brede discussie deze zomer over de toekomst van onze markten.’

Actiepunten uit het manifest

  1. Pas de regels aan, zodat niet beheer en controle het uitgangspunt zijn, maar het ondersteunen van de kooplui die dag in dag uit op de markt staan.
  2. Zorg dat de nieuwe Verordening op de Markt ruimte biedt voor maatwerk, want geen markt is gelijk.
  3. Bied markten die dat willen de mogelijkheid om stapsgewijs te verzelfstandigen, zodat de kooplui hun markt zelf kunnen besturen.
  4. Bevorder de samenwerking tussen kooplui en zorg voor breed samengestelde marktcommissies met draagvlak en mandaat.
  5. Kwantificeer de grote economische, sociale en toeristische betekenis van de markten voor de stad.
  6. Bepaal per markt het profiel en het daarbij passende aanbod.
  7. Zorg voor kooplui met bijzondere producten met een verhaal.
  8. Schep de mogelijkheid om themamarkten aan de bestaande warenmarkten toe te voegen, zodat ze elkaar kunnen versterken.
  9. Bekijk per markt op wie je mikt, want een gezonde markt bedient minimaal twee doelgroepen en liefst drie. Denk aan oude Amsterdammers, allochtone Amsterdammers, nieuwe stedelingen en toeristen (zowel buitenlandse toeristen als dagjesmensen uit heel Nederland).
  10. Onderzoek of het aantal marktdagen wel goed verdeeld is over Amsterdam en of markten niet te veel in elkaars vaarwater zitten (denk met name aan West/Nieuw-West en Noord). Bepaal welke markten – al dan niet voorlopig – beter zouden lopen met minder dagen of minder kramen, en welke juist gebaat zijn bij meer dagen of meer kramen.
  11. Zorg voor samenhang tussen de markt en de omliggende horeca en winkels, zodat ze elkaar aanvullen en versterken. Profiteer van de kansen die stedelijke vernieuwing biedt, bijvoorbeeld op de Pekmarkt en de Ten Katemarkt.
  12. Betrek bewoners bij de markt, zowel mensen die direct aan de markt wonen als buurtbewoners.
  13. Onderzoek of er geen betere locaties zijn. Met name de markten van Bos en Lommer, de Amsterdamse Poort en Kraaiennest staan niet op de goede plek.
  14. Experimenteer met andere opstellingen van de kramen (bijvoorbeeld compacter, meer aaneengesloten, rug aan rug) en laat verkoopwagens toe.
  15. Experimenteer met latere openingstijden.

De ondertekenaars

Ook interessant

Openbare Ruimte
Maak de hekkengek in me los!
Openbare Ruimte
Top-down bottom-up bankstel
Leefbaarheid / Openbare Ruimte
De Zuidas met Jane Jacobs op mijn schouder